Biest is van levensbelang!

Publicatiedatum: 22-09-2017

Biest is de allerbeste start voor een kalf, of voor ieder ander pasgeboren zoogdier. Dit wordt door elke veehouder als een gegeven beschouwd. Uit voortschrijdend onderzoek blijkt echter hoe belangrijk biest werkelijk is. Als een kalf niet voldoende biest krijgt, of biest van onvoldoende kwaliteit, heeft dat een groot effect op de verdere ontwikkeling en productie van het dier.


Er wordt altijd gezegd dat biest van een goede kwaliteit moet zijn. Maar wanneer is de kwaliteit van biest eigenlijk ‘goed’ te noemen? En wat betekenen de in dit verband gebruikte afkortingen

IgG en IgA precies?

In deze nieuwsbrief hebben we alle belangrijke feiten voor u op een rij gezet. Ook kunt u op onze website een biestprotocol downloaden, dat u kan helpen om de biestverstrekking aan uw kalveren zo optimaal mogelijk te houden!

De samenstelling van biestmelk verschilt wezenlijk van die van gewone melk (zie onderstaande tabel).

Het hoge aandeel van vet en eiwit in biest dient om het kalf na de geboorte snel van extra energie te voorzien. Een zogenaamde kickstart dus. Ook bevat biest, vergeleken met gewone melk, een vele malen hoger aandeel vitaminen. Wat biest zo bijzonder en onmisbaar maakt, is het bestanddeel aan immunoglobulinen.Deze worden ook wel antistoffen genoemd. Deze zijn van levensbelang voor een kalf, dat zonder antistoffen wordt geboren. Voor de afweer tegen ziektes is een kalf in de eerste levensweken afhankelijk van wat hij met de biest binnenkrijgt. Dit wordt ook wel maternale immuniteit genoemd.

Immunoglobulinen, afgekort tot Ig, zijn onder te verdelen in vier groepen: IgG en IgM, IgA, IgD, en IgE.

IgG en IgM
 Deze antistoffen circuleren in de bloedstroom en vormen een belangrijke bescherming tegen infecties.
IgA
 Deze groep antigenen bevindt zich op het neusslijmvlies en in de keelholte. Voor het lichaam zijn de IgA van belang als eerste verdedigingslinie tegen infecties.
IgD
 Dit type antistoffen heeft zich aan de oppervlakte van witte bloedcellen (leukocyten) gehecht en speelt een grote rol in de algehele immuniteit.
IgE
 De E-groep immunoglobulinen helpt het lichaam bij het voorkomen van allergische reacties.


Goede biest

Wanneer het gaat over biest en biestprotocollen, wordt altijd gezegd dat de kwaliteit van biest goed moet zijn. Maar wat bepaalt de kwaliteit van biest? Voor een goede afweer is het van belang dat een kalf gedurende de eerste levensdag tenminste 250 immunoglobulinen opneemt. Het is dus van groot belang dat biest dit gehalte aan antistoffen bevat. Dit is zelf eenvoudig vast te stellen met behulp van een brix meter. De meetgegevens kunnen worden vergeleken met de waarden in onderstaande tabel, die een globaal inzicht geeft in de kwaliteit van de gecontroleerde biest.


Natuurlijk zijn onze vertegenwoordigers altijd bereid om samen met u te kijken naar de kwaliteit van de biest op uw bedrijf. Vraag er gerust naar!

De vuistregel van de vier v’s

Wanneer de kwaliteit van biest goed is en de overbekende vuistregel van de vier V’s in acht wordt genomen, kan het eigenlijk niet fout gaan met uw biestmanagement.

Vlug: zorg ervoor dat een kalf het liefst twee liter biest krijgt binnen een half uur na de geboorte. Binnen de eerste 24 uur moet het kalf in totaal zes liter biest hebben gehad. Dit is vooral zo belangrijk omdat de darmwand van een kalf de eerste 24 uur na de geboorte de (grote) immunoglobulinen nog goed kan doorlaten. Doordat de antistoffen de darmwand gedurende de eerste levensdag nog gemakkelijk kunnen passeren, worden ze goed in het bloed opgenomen. Elk uur na de geboorte neemt de doorlaatbaarheid van de darmwand met vijf procent af. Toch is het geven van biest ook na 24 uur zeker wel zinvol! Hoewel de antistoffen dan de darmwand niet meer passeren, werken ze nog wel op darmniveau.

Veel: als een kalf tenminste zes liter biest drinkt tijdens de eerste dag, is het zeker dat het voldoende antistoffen binnenkrijgt. Tegelijkertijd neemt het voldoende voedingsstoffen en vocht op, wat ook van groot belang is voor een goede start.

Vaak: meerdere kleinere porties, verdeeld over de dag, zijn beter dan enkele grote porties.

Vers: biest dient te worden verstrekt op een temperatuur van veertig graden Celsius. Bij voorkeur vers. Ingevroren porties kunnen worden ontdooid door de verpakking in een emmertje met warm water te zetten (au bain marie). De temperatuur van dit water mag niet heter dan vijftig graden zijn. Een hogere temperatuur gaat ten koste van de kwaliteit van het melkeiwit. Bewaar biest, die over is, altijd in de koelkast. Bij kamertemperatuur is biest een voedingsbodem voor ongewenste bacteriën. Let er bij het melken van de biest ook altijd op dat de gebruikte materialen schoon zijn.

Gooi goede biest nooit weg!

Als een koe meer biest geeft dan het kalf nodig heeft, en deze is van goede kwaliteit, gooi de biest dan nooit weg. Ingevroren biest is een uitkomst wanneer een moederdier op een later moment niet over een goede kwaliteit biest blijkt te beschikken. Als biest direct na de winning wordt ingevroren, kan dit zonder problemen tot een jaar worden bewaard bij een temperatuur van min twintig graden Celsius. Het is handig om biest in kleine, eenvoudig te ontdooien porties in te vriezen, bijvoorbeeld in ziplock zakjes. Op die manier kunt u altijd snel beschikken over een goede kwaliteit biest.

Overige berichten

Het zit er weer op!
Eurotier 2018
Bezoek ons op Eurotier!
Beurs Hardenberg
Innovatieve dag!
Koe, Kaas & Kalf - de kalverhouderij uitgelegd
Geboortenieuws!
Land & Tuinbouwbeurs Oost Nederland
Telefonisch niet bereikbaar (opgelost)